Klaas-Jan Huntelaar

Geplaatst door

Dirk Jan Klaas (Klaas-Jan) Huntelaar (Voor-Drempt, 12 augustus 1983) is een Nederlandse voetballer. De centrumspits staat per seizoen 2009/10 onder contract bij AC Milan, waar hij voor vier jaar tekende.


Carrière

Jeugd

Op vijfjarige leeftijd besloot Huntelaar net als zijn broers lid te worden van het plaatselijke v.v. H&K, voetbalvereniging Hummelo en Keppel. Vanaf 2003 is de club gefuseerd met Drempt Vooruit en verder gegaan onder de naam Hessen Combinatie ’03. Bij H&K kwam Klaas-Jan onder de hoede van Erik Dreteler en André Nijman. Vervolgens kwam hij te spelen onder coach Jacco Beerthuizen, een voormalig keeper van De Graafschap, Go Ahead Eagles en Heracles Almelo. Hij zag het talent bij de jonge speler en tipte Henk ten Cate, trainer van Go Ahead Eagles, over zijn pupil. Vanaf dat moment mocht Klaas-Jan iedere woensdagmiddag meetrainen bij de club uit Deventer. Na verloop van tijd bleek echter dat de afstand te groot was, waarna er werd besloten om Huntelaar onder te brengen bij het nabijgelegen De Graafschap.

Op 6 mei 1994 tekende Klaas-Jan Huntelaar met tienjarige leeftijd een jeugdcontract bij De Superboeren. Hij begon daar in de C1, ondanks dat hij op dat moment nog D-speler was. Hierdoor kende hij een lichte achterstand op fysiek gebied. Toch wist hij zich in de groep te spelen en bleek hij een vaste invalwaarde te hebben. Hij kwam in totaal tot zes competitiewedstrijden (waarvan drie als invaller) en twaalf oefenduels (waarvan vier als invaller). Op dat moment speelde hij nog vooral op de linksachter en linkshalf positie. In zijn tweede seizoen kwam hij vaker in actie op het middenveld en speelde hij regelmatig op de nummer 10-positie achter de spitsen. Uiteindelijk kwam hij vijftien duels in actie. Ook was hij nog een korte periode keeper als gevolg van een blessure bij de vaste doelman. Hij stond vijf toernooiwedstrijden onder de lat en moest daarbij zeven doelpunten incasseren. Vanaf zijn derde seizoen bij De Graafschap speelde Huntelaar op de nummer 9-positie en werkte hij zijn duels alleen nog maar af als centrumspits.

In 2000 maakte Huntelaar de overstap naar de jeugdopleiding van PSV. Hij verhuisde naar Veldhoven waar hij werd ondergebracht bij het gastgezin Jorna. Dagelijks moest Klaas-Jan anderhalf uur fietsen om te gaan trainen op het jeugdcomplex De Herdgang. Bij PSV kreeg hij individuele training van Willy van der Kuijlen, de topscorer aller tijden in de Eredivisie met 311 doelpunten. Huntelaar kende een succesvol eerste seizoen, hij scoorde 26 doelpunten in 23 duels en werd met dit aantal topscorer. PSV bereikte de tweede plaats in competitie achter Feyenoord maar wist wel de Shell jeugdcompetitiebeker te winnen. In de aanloop naar het volgende seizoen werd Huntelaar toegevoegd aan de selectie van het eerste elftal door trainer Erik Gerets. Hij kwam echter niet in actie voor de hoofdmacht maar werkte zijn wedstrijden af bij de beloften.

PSV

In de zomer van 2002 mocht hij vervolgens meedoen aan de voorbereiding op het nieuwe seizoen. Huntelaar kwam in actie tegen ASV Dronten en wist driemaal te scoren. Ook maakte hij dat seizoen op 22 november zijn debuut voor PSV in de competitiewedstrijd tegen RBC Roosendaal, toen hij een kwartier voor tijd inviel voor Mateja Kežman. In de winterstop vertrok Huntelaar tijdelijk op huurbasis naar De Graafschap vanwege zijn geringe speeltijd. De concurrentie van Kežman, Vennegoor of Hesselink en Bruggink stonden de ontwikkeling van de jonge spits in de weg.

De Graafschap

De Achterhoeker kwam met de overstap terug op het oude nest waar hij drie seizoenen eerder afscheid van had genomen. De club vocht op dat moment tegen degradatie en Huntelaar hoopte met zijn doelpunten een bijdrage te leveren aan het lijfsbehoud van De Graafschap. Trainer Peter Bosz zag echter geen basisplaats weggelegd voor de jonge spits en gebruikte hem voornamelijk als invaller. Het seizoen eindigde teleurstellend: Huntelaar speelde negen competitieduels (waarvan slechts één als basisspeler), maakte geen doelpunten en De Graafschap degradeerde naar de Gouden Gids divisie. De Graafschap besloot de huurperiode van Huntelaar niet te verlengen en zodoende keerde hij terug naar PSV.

AGOVV

Huntelaar maakte in Eindhoven echter niet genoeg indruk waardoor PSV besloot om de spits opnieuw te verhuren. Samen met zijn teamgenoten Koen Garritsen en Paul Verhaegh vertrok hij naar AGOVV. De club uit Apeldoorn maakte tijdens het seizoen 2003/04 zijn rentree in het betaald voetbal onder de leiding van Jurrie Koolhof. Huntelaar debuteerde op 15 augustus tegen TOP Oss waarin hij meteen wist te scoren (1-2 verlies). In het volgende duel tegen Heracles Almelo leverde een hattrick van de spits AGOVV wel de volle drie punten op en boekte het daarmee de eerste overwinning van het seizoen. In Apeldoorn voelde Huntelaar zich op zijn plaats en werd hij met 26 doelpunten topscorer van de Eerste divisie. Op het VVCS-gala werd hij vervolgens verkozen tot Nederlands voetballer van het jaar uit de Eerste Divisie.

In maart 2004 gaf PSV aan graag een jaar langer door te willen met Huntelaar, die nog tot medio 2005 onder contract stond. Hij hoefde echter nog niet te rekenen op een kans bij PSV, Guus Hiddink zag de speler liever op huurbasis bij een andere Eredivisieclub meer ervaring opdoen. Huntelaar zag op zijn beurt niets in een contractverlenging of een nieuwe verhuurperiode. Roda JC en RBC Roosendaal bleken de beste papieren te hebben om de topscorer van de Eerste divisie in de zomer binnen te halen, waarbij de voorkeur van Huntelaar uitging naar de laatstgenoemde. Uiteindelijk bleek sc Heerenveen het meest slagvaardig. De transfersom bleek een groot obstakel in de onderhandelingen maar de clubs wisten elkaar te vinden in een bedrag van 100.000 euro. De spits zette zijn handtekening onder een contract voor drie jaar.

sc Heerenveen

Huntelaar debuteerde tegen AZ in de competitie en wist dit op te luisteren met een doelpunt (1-1 gelijkspel). Onder de hoede van trainer Gert-Jan Verbeek wist de spits in de eerste seizoenshelft tienmaal te scoren in 17 duels. Uiteindelijk sloot hij het seizoen af met 17 doelpunten in 31 wedstrijden waarmee de club zich wist te kwalificeren voor UEFA Cup-voetbal. De prestaties van Huntelaar wekten interesse bij onder andere AZ en Glasgow Rangers. Zij schrokken echter van de vraagprijs die sc Heerenveen op de spits had geplakt: zeven miljoen euro. In het daaropvolgende seizoen ging Huntelaar door met scoren en groeide hij uit tot één van de meest gewilde spelers uit de Eredivisie. Er kwam interesse op gang van Ajax maar vooral Feyenoord werd concreet. Zij zagen in Huntelaar de opvolger van Dirk Kuijt of Salomon Kalou, waarvan werd verwacht dat deze niet konden worden behouden. Feyenoordtrainer Erwin Koeman en technisch directeur Mark Wotte voerden in het najaar van 2005 gesprekken met Huntelaar maar kwamen niet tot een akkoord omdat de spits geen interesse had. Klaas-Jan Huntelaar had zijn wensen wat betreft een club al kenbaar gemaakt: “Ik wil in een aanvallende ploeg spelen, dicht bij de goal in een kleine ruimte vlakbij de zestien. Ik rendeer al vanaf de jeugd het beste als centrumspits tussen twee vleugels. Veel beweging om me heen en een nummer 10 kort achter me.” Voetbal International concludeerde hieruit dat Huntelaar de ‘functieomschrijving van het prototype Ajax-spits’ gaf. Zelf ontkende hij daarvoor te solliciteren: “Bij AZ spelen ze ook zo en bij Feyenoord dit seizoen in grote lijnen ook. Stuk voor stuk mooie clubs.”

In de winterstop had Huntelaar al 17 maal gescoord voor de Friezen en stond de club op een vijfde plaats in de competitie. Inmiddels was er ook concrete interesse ontstaan bij Hamburger SV en Ajax en bleek een transfer onafwendbaar. Op 29 december maakte Huntelaar de overstap van sc Heereveen naar Ajax. De Amsterdammers betaalden een transfersom van 9 miljoen euro waarmee de nieuwe aankoop de duurste binnenlandse transfer ooit werd. Tot dat moment lag het record in handen van Nikos Machlas die in 1999 voor 19,8 miljoen gulden (8,6 miljoen euro) de overstap van Vitesse naar Ajax had gemaakt. Inmiddels is het record van Huntelaar overgenomen door Miralem Sulejmani die in 2008 voor 16,25 miljoen euro dezelfde weg bewandelde als de Hummeloër. Bij sc Heerenveen speelde Huntelaar 46 competitiewedstrijden waarin hij 33 maal scoorde.

Ajax

Ajax vond in de persoon van Huntelaar een speler die kon functioneren in een systeem met drie spitsen, in tegenstelling tot Angelos Charisteas en Markus Rosenberg die beter uit de verf kwamen in een 4-4-2 opstelling. Bij de Amsterdammers tekende Huntelaar een contract voor 4,5 jaar tot de zomer van 2010. Op zondag 8 januari werd hij aan het publiek gepresenteerd en mocht hij symbolisch zijn nieuwe shirt in ontvangst nemen met daarop rugnummer 25. Daarnaast lichtte hij zijn besluit nogmaals toe:
Mijn keuze voor Ajax is er een op basis van meerdere aspecten. Dan moet je denken aan de speelwijze, hoe de trainer over voetbal in het algemeen denkt, aan het shirt en de historie. Ik wil in een aanvallende ploeg spelen, dicht bij de goal in een kleine ruimte vlakbij de zestien meter en het liefst met vleugelspitsen.

Huntelaar op het trainingsveld nadat hij enkele maanden in dienst is bij Ajax.

Huntelaar maakte op 15 januari 2006 zijn debuut voor Ajax in de competitiewedstrijd tegen N.E.C. maar kwam pas drie weken later voor de eerste maal tot scoren in de Eredivisie tijdens de klassieker tegen Feyenoord. In de KNVB-beker had hij ondertussen al wel van zich laten spreken. Op 2 februari nam Ajax het in de kwartfinale op tegen de voormalige werkgever van Huntelaar, sc Heerenveen, en wist de spits de 2-0 binnen te tikken. De Amsterdammers wonnen het duel met 3-0 en daarmee plaatste club zich voor de halve finales. De productieve reeks van Huntelaar kende in februari een vervolg: de aanvaller scoorde negen doelpunten in zeven wedstrijden. Een daarvan scoorde hij tijdens zijn debuut in de Champions League tegen Internazionale. De openingstreffer tegen de Italiaanse grootmacht zou Huntelaar later beschrijven als één van de hoogtepunten uit zijn loopbaan bij Ajax. Tijdens de return in het Giuseppe Meazza kon Ajax geen potten breken. Huntelaar zat in de tang bij Materazzi en Rosenberg kwam niet langs de sterk spelende Zanetti. De enige treffer van de wedstrijd kwam op naam van Dejan Stanković waardoor Internazionale door ging naar de laatste acht.

Huntelaar ging door met scoren en sloot het seizoen af met 33 doelpunten. Hiermee werd hij topscorer van het seizoen, de 17e speler die 30 of meer goals in een seizoen maakte en bereikte hij de top tien van spelers met de meeste doelpunten in één seizoen. Ook in het vervolg van de KNVB beker bleek hij belangrijk voor zijn club. In de halve finale tegen Roda JC en in de finale tegen PSV scoorde Huntelaar telkens twee maal, waaronder de beslissende goal in de extra tijd. In het seizoen 2005/06 scoorde hij met met inbegrip van Europese wedstrijden en jeugd-interlands 54 keer, waarmee hij tweede staat op de ranglijst van Nederlandse topschutters in de afgelopen 50 jaar achter Henk Groot. Zijn prestaties van dat seizoen bezorgden hem de titel van Nederlands Talent van het Jaar. Daarnaast werd hij door supporters van Ajax verkozen tot Speler van het Jaar.

Aan het einde van het seizoen 2005/06 had Ajax zich geplaatst voor de derde voorronde Champions League ten koste van FC Groningen, tijdens de nieuw ingevoerde play-offs. De vierde plaats in de competitie kostte trainer Danny Blind echter zijn baan. De van FC Barcelona overgekomen Henk ten Cate werd zijn opvolger. Bij zijn aantreden won hij met Ajax meteen de eerste prijs van het seizoen, de Johan Cruijff Schaal. Als bekerwinnaar diende Ajax aan te treden tegen landskampioen PSV maar moest daarin het Huntelaar missen vanwege een schorsing. Kenneth Perez, die was overgekomen van AZ, werd de man van de wedstrijd die uiteindelijk met 3-1 werd gewonnen. Ondertussen stond ook de Champions League-wedstrijd tegen FC Kopenhagen op het programma, waar de oud-Ajacieden Jesper Grønkjær en André Bergdølmo onder contract stonden. Huntelaar drukte tijdens dit duel zijn stempel op de wedstrijd door beide doelpunten aan te tekenen in de 2-1 overwinning. Ajax was zodoende bijna zeker van plaatsing voor het hoofdtoernooi. FC Kopenhagen gooide echter twee weken later roet in het eten door met 2-0 te winnen in de Amsterdam Arena. Michael Silberbauer tekende aan voor de 1-0 en Thomas Vermaelen bepaalde met een eigen doelpunt de eindstand. Ajax werd zodoende uitgeschakeld en aangewezen op de UEFA Cup. Huntelaar scoorde in dat toernooi zeven doelpunten in zeven wedstrijden, waarvan zijn laatste tegen Werder Bremen. De Duitsers bleken over twee wedstrijden gezien te sterk voor de Ajacieden, waardoor de Amsterdammers niet verder kwamen dan de derde ronde. Het seizoen eindigde op soortgelijke wijze al het jaar daarvoor. Ajax werd opnieuw geen kampioen maar eindigde als tweede achter lijstaanvoerder PSV. Op de laatste speeldag konden nog drie clubs landskampioen worden, AZ had de beste papieren maar uiteindelijk pakte PSV de titel. Ajax eindigde met slechts één doelpunt verschil achter de koploper. Wel behaalde het via de play-offs opnieuw de voorronde van de Champions League. Daarnaast werd wederom de KNVB beker gewonnen, ditmaal ten koste van AZ. Huntelaar was opnieuw verantwoordelijk geweest voor de doelpuntenproductie tijdens de finale, die werd beslist na strafschoppen. Huntelaar maakte het seizoen af met 21 doelpunten in de competitie, waarmee hij zijn topscorerstitel niet wist te prolongeren.

In augustus 2007 won Huntelaar de vierde hoofdprijs uit zijn loopbaan. Opnieuw streed bekerwinnaar Ajax tegen landskampioen PSV om de Johan Cruijff Schaal. Voor de derde keer op rij waren de Amsterdammers de Eindhovenaren de baas in het duel om de Supercup, ditmaal door een doelpunt van Gabri. Vier dagen later was Slavia Praag de volgende tegenstander van Ajax in de derde voorronde Champions League. Ajax kreeg via een strafschop de uitgelezen kans om op voorsprong te komen maar Huntelaar verzuimde binnen te schieten. Waar Ajax faalde, toonde Slavia meer initiatief en kwam het een kwartier voor tijd op voorsprong via David Kalivoda. De Champions League leek verder dan ooit voor de Ajacieden. Twee weken later maakte Slavia in eigen huis het karwei vrij simpel af door twee goals van Stanislav Vlček. De Tsjechische club plaatste zich hiermee voor de eerste maal voor de Champions League, Ajax diende wederom het seizoen af te maken in de UEFA Cup. In de eerste ronde van het toernooi bleek Dinamo Zagreb de volgende tegenstander. Uit werd het eerste duel gewonnen met 1-0 door een doelpunt van Dennis Rommedahl. In eigen huis koos Dinamo vervolgens voor de aanval, waar door Ajax niet op was gerekend. Luka Modrić maakte na een half uur de openingstreffer uit een penalty. Na de reguliere speeltijd kwam het aan op een verlenging en daarin beslechte Mario Mandžukić het pleit over Ajax met twee doelpunten. Huntelaar deed nog wel tot twee maal toe iets terug, maar de club uit Zagreb bekerde door op basis van uitdoelpunten. De vroege uitschakeling in zowel de Champions League, als de UEFA Cup, zorgde voor veel kritiek aan het adres van trainer Henk ten Cate, technisch directeur Martin van Geel en voorzitter John Jaakke. Ten Cate was echter in de week van het UEFA Cup-duel persoonlijk benaderd door Chelsea voor een functie als veldtrainer onder hoofdcoach Avram Grant. Hier had Ten Cate wel oren naar en Ajax ging in op zijn verzoek, waarna op 8 oktober een akkoord werd bereikt met de Engelse topclub. Een dag later werd Adrie Koster, de coach van het beloftenelftal, aangesteld als interim-trainer en hij maakte vervolgens het seizoen af.

De sportieve malaise had weinig invloed op de scoringsdrift van Huntelaar. Al in de eerste competitiewedstrijd tegen De Graafschap maakte hij vier doelpunten, waardoor het duel tegen de promovendus eindigde in een 8-1 overwinning. In april 2008 maakte hij vervolgens zijn 100e doelpunt in de Eredivisie door middel van een hattrick, opnieuw tegen De Graafschap. Van dit aantal maakte hij een derde met het hoofd, de helft met zijn rechterbeen en de rest met zijn linkerbeen. Opvallend is dat er slechts negen doelpunten buiten het zestienmetergebied waren gescoord en meer dan 70 binnen het vijfmetergebied. Alleen Dennis Bergkamp en Dirk Kuyt hadden in de voorgaande 25 jaar deze mijlpaal van 100 doelpunten weten te bereiken voor hun 25e verjaardag. Het seizoen voor Ajax eindigde echter in een teleurstelling, de club greep naast alle prijzen. In januari werd de titelhouder van de KNVB beker al in de achtste finale uitgeschakeld door NAC Breda met 4-2. Ook moest het opnieuw PSV voor zich dulden op de ranglijst, waardoor de Eindhovennaren voor de vierde maal op rij landskampioen werden. De laatste ‘prijs’ die toen nog overbleef was een plaats in de derde voorronde van de Champions League. In de play-offs bleek FC Twente over twee wedstrijden echter te sterk, uit verloor Ajax met 2-1 en in eigen huis werd er niet gescoord. Huntelaar kende wel een persoonlijk succes door voor de tweede topscorer te worden van de Eredivisie. In 34 duels wist hij 33 maal het net te vinden, waarmee hij zijn aantal van twee jaar eerder evenaarde. Hij was pas de eerste speler van Ajax die meer dan 30 keer scoorde in een seizoen sinds Marco van Basten in de jaargang 1986/87. Met de 33 treffers eindigde Huntelaar bovendien als derde in het Europese topscorersklassement achter Christiano Ronaldo en Daniel Güiza en won daarmee de Bronzen Schoen.
Klaas-Jan Huntelaar met Ajax.

In de zomer van 2008 liepen de contractbesprekingen tussen Ajax en Huntelaar stuk. Ajax wilde zijn topscorer graag langer vastleggen maar er werd geen overeenstemming bereikt over de gelimiteerde afkoopsom, die in zijn toenmalige contract ontbrak. Arnold Oosterveer, de zaakwaarnemer van Huntelaar, wilde graag een afkoopsom van 17 miljoen euro in het contract laten opnemen maar dit bleek voor Ajax onbespreekbaar. In de optiek van de Amsterdammers zouden clubs zich dan al de volgende dag melden voor de spits. Marco van Basten arriveerde die zomer als nieuwe coach en deze besloot op zijn eerste training Huntelaar op te waarderen tot aanvoerder. Van Basten rekende erop dat de spits aan zou blijven: “We gaan er vanuit dat hij gewoon bij Ajax blijft. Er is dus ook geen plan B gemaakt voor de spitspositie.” Eind augustus meldde Real Madrid zich echter bij Ajax met een miljoenenbod. Al in maart van dat jaar had trainer Bernd Schuster aangegeven gecharmeerd te zijn van de Nederlandse spits: “Hij is het type spits dat elke club zich wenst. Beweeglijk en doeltreffend tegelijk. Met het oog op volgend seizoen komt hij zeker in mijn plannen voor.” Ook technisch directeur Predrag Mijatovic bleek al geruime tijd onder de indruk te zijn van Huntelaar en bereidde een bod van 25 miljoen euro voor. Ajax besloot niet op de aanbieding in te gaan omdat op 1 september de transfermarkt zou sluiten. Op 31 augustus hadden zich nog twee clubs uit de Europese subtop gemeld bij Ajax. Eén van hen deed naar verluidt een bod van bijna 40 miljoen euro maar ook dit werd door Ajax afgewimpeld: “Voor iedereen die we willen terughalen, moeten we de hoofdprijs betalen. We hebben dan ook afgesproken nergens meer op te reageren.” Later bleek dat het bod afkomstig was geweest van Manchester City. De andere club in kwestie bleek Hamburger SV te zijn.

Aan het begin van het seizoen 2008/09 stokte de doeltreffendheid van Huntelaar, eind september stond hij al 592 minuten droog. Van Basten had hier wel een verklaring voor: “Klaas-Jan moet zich meer focussen op de zestien. Daar hebben we hem nodig. Hij zakt te vaak terug om toch af en toe een bal te raken, om het gevoel te krijgen. Maar dat moet hij niet doen”. Maar twee doelpunten in het UEFA Cup-duel tegen Borac Čačak en een treffer in de klassieker tegen Feyenoord doorbraken deze mindere periode. Huntelaar was hierdoor nog maar één doelpunt verwijderd van de Club van Honderd uit de Ajax-historie. De honderdste treffer viel diezelfde week nog in het bekerduel tegen FC Utrecht, waarmee hij definitief toetrad tot de selecte groep Ajacieden. Eind oktober bereikte hij nog een belangrijke mijlpaal: in het competitieduel tegen Heracles Almelo scoorde hij zijn 200e doelpunt als profvoetballer. Hier had de Dremptenaar slechts 287 wedstrijden voor nodig, een gemiddelde van ruim twee doelpunten per drie duels. Commercieel directeur Henri van der Aat verkondigde op dat moment dat er nieuwe contractbesprekingen met Huntelaar aan zaten te komen maar Arnold Oosterveer zei van niets te weten: “Ik kan zeggen dat er geen gesprek met Ajax in onze agenda staat. Nu niet en de komende weken ook niet.”

Begin november blesseerde Huntelaar zich in het competitieduel tegen Sparta aan zijn linkerenkel. Uit nader onderzoek bleek dat zijn voorste enkelband volledig was afgescheurd en dat het herstel minimaal zes weken zou bedragen. De spits zou op deze wijze de komende tien duels voor Ajax moeten missen, waaronder de topwedstrijden tegen AZ, PSV en HSV. Het was pas de eerste serieuze blessure voor Huntelaar, die in vijf jaar tijd slechts drie competitieduels en twee interlands door blessures had moeten missen. Na twee weken verscheen Huntelaar echter, veel sneller dan verwacht, alweer op het trainingsveld. Terwijl de spits nog bezig was met zijn herstel, klopte Real Madrid opnieuw aan bij Ajax. Op 1 december maakten vervolgens alle grote Spaanse sportkranten melding van een akkoord tussen de twee clubs. Voorzitter Uri Coronel betitelde de berichtgeving op dat moment nog als ‘onzin’ maar een dag later werd de overgang officieel wereldkundig gemaakt. Huntelaar tekende bij Real een contract tot medio 2013. Met de overgang ging een bedrag van 27 miljoen euro gepaard, waarvan zeven miljoen euro variabel en twintig miljoen euro vast. Van de transfersom ging een bedrag van ongeveer twee miljoen euro naar sc Heerenveen. De Madrilenen waren dringend op zoek naar een vervanger van de langdurig geblesseerde Ruud van Nistelrooy. De spits kon dat seizoen niet meer in actie komen vanwege een gescheurde buitenste meniscus van zijn rechterknie. Tijdens de contractbesprekingen werd door Real Madrid bedongen dat Huntelaar zijn revalidatie in Spanje af zou maken. Daardoor werd zijn wedstrijd tegen Sparta de laatste uit zijn loopbaan bij Ajax.

Op donderdag 4 december werd Huntelaar gepresenteerd in de prijzenkamer van het Santiago Bernabéu. Onder grote publieke belangstelling beloofde de nieuwe aanwinst de Spaanse fans “muchos goles” (veel doelpunten). Vervolgens kreeg hij uit de handen van clublegende Alfredo di Stéfano zijn nieuwe shirt met rugnummer 19. Op 28 december volgde het afscheid voor het Amsterdamse publiek. Na de competitiewedstrijd tegen ADO Den Haag nam Huntelaar op emotionele wijze afscheid in de Arena. In de 136 wedstrijden die hij voor Ajax speelde wist hij 105 maal het net te vinden. Terugkijkend op de afgelopen seizoenen zei Huntelaar het volgende:
Ik heb bij Ajax en in Amsterdam een heel mooie tijd gehad. Het was een periode waarin ik ook veel mooie en interessante mensen heb leren kennen. De reacties die ik van de mensen bij de club krijg, zijn ook mooi. Iedereen gunt het je. Iedereen vindt het jammer dat je in januari vertrekt, maar tegelijkertijd zijn ze ook blij dat je zo’n mooie stap mag maken. Nee, ik zal mijn jaren hier nooit vergeten.

Real Madrid

Huntelaar kende een lastige aanloopperiode bij Real Madrid, waar inmiddels Juande Ramos was aangetreden als vervanger van de ontslagen Bernd Schuster. Op 5 januari maakte de aanvaller zijn debuut met een basisplaats in het competitieduel tegen Villarreal. Robben opende daarin de score en Huntelaar had een grote kans op de 2-0 maar hij verzuimde binnen te schieten. Toch was er naderhand tevredenheid over het resultaat en het optreden van de debutant. Maar na het succesvolle duel volgden er vier invalbeurten, tot ontevredenheid van Huntelaar. Hij maakte er geen geheim van dat hij graag meer speelminuten wilde maken. De kansen daarop werden echter flink beperkt toen Real Madrid besloot om Lassana Diarra in te schrijven voor de Champions League en niet Klaas-Jan Huntelaar. De UEFA-regelementen bepaalden namelijk dat slechts één speler die al dat seizoen actief was geweest in de UEFA Cup, mocht worden toegevoegd aan de Champions League-selectie. Er ontstonden toen berichten in de Spaanse media die beweerden dat Huntelaar al schoon genoeg had van zijn reserverol en het liefst zo snel mogelijk wilde vertrekken. Deze bleken volgens Huntelaar niet op waarheid te zijn gebasseerd: “Ik was wel ontevreden, omdat ik meer wilde spelen. Maar ik heb nooit willen vertrekken, want ik ben daar niet heen gegaan om weer snel te verkassen.” AZ-trainer Louis van Gaal stak ondertussen, tijdens een Sport1-analyse, de spits een hart onder de riem: “Klaas-Jan Huntelaar is de beste spits ter wereld in de zestien”. Twee weken na de teleurstelling van de Champions League liet Huntelaar zich voor de eerste keer gelden. In de competitiewedstrijd tegen Sporting Gijón scoorde hij de openingstreffer en daarmee zijn eerste doelpunt in Madrileense dienst. Trainer Ramos zegde hem meer speeltijd toe en dit vertrouwen werd door de spits niet beschaamd. In de volgende wedstrijd tegen Real Betis Sevilla wist Huntelaar twee maal het net te vinden, waardoor het duel met 6-1 werd gewonnen. Huntelaar scoorde daarna nog eenmaal tegen Atlético Madrid en tweemaal tegen Athletic Bilbao en UD Almería, waarmee hij zijn plek leek te hebben gevonden.

In de zomer van 2009 werd Florentino Pérez herkozen als volgende voorzitter bij de Madrilenen. Zijn voorganger Ramón Calderón had in januari van dat jaar ontslag genomen nadat aan het licht was gekomen dat hij was betrokken bij een fraudezaak. Pérez was al eerder voorzitter van Real Madrid geweest, toen hij tussen 2000 en 2006 verantwoordelijk was geweest voor het tijdperk van de Galácticos. De bouwondernemer wilde destijds van Real Madrid de grootste en beste club ter wereld maken, door het aantrekken van alleen maar stervoetballers. Onder zijn nieuwe motto “Vuelve la ilusión: de terugkeer van de illusie” beloofde hij opnieuw een sterrenteam samen te stellen. Zo wilde hij Villarreal-trainer Manuel Pellegrini binnenhalen en sterspelers als Kaká, Cristiano Ronaldo, David Silva en David Villa. Al vrij snel slaagde hij in zijn doelstellingen en wist hij Kaká (64 miljoen euro), Cristiano Ronaldo (94 miljoen euro), Karim Benzema (35 miljoen euro) en Xabi Alonso (30 miljoen euro) voor recordbedragen te contracteren. De keerzijde hiervan was dat Real Madrid veel spelers van de hand moest doen om de transfersommen enigszins te kunnen dekken. Pérez stuurde daarom een lijst met aangeboden spelers naar enkele Premier League-clubs. Naast Mahamadou Diarra, Gabriel Heinze en Javier Saviola stonden ook de namen van de zes Nederlanders in Madrileense dienst op deze lijst. Ondanks de woorden van Mijatovic dat Huntelaar ‘een langetermijnproject’ was, mocht hij na een half jaar alweer vertrekken.

Er kwam interesse op gang van Olympique Lyon, Hamburger SV en Manchester United maar VfB Stuttgart werd het meest concreet. Stuttgart-trainer Markus Babbel was op zoek naar een nieuwe centrumspits na het vertrek van Mario Gómez naar Bayern München. Zonder medeweten van Huntelaar, wisten Stuttgart en Real Madrid een akkoord te bereiken over een afkoopsom van 18 miljoen euro. Daar zou nog eens twee miljoen euro aan toe worden gevoegd indien Stuttgart de voorrondes van de Champions League zou overleven. Om het plan er snel door te krijgen werd Huntelaar niet opgenomen voor de selectie die een trainingskamp zou afleggen in Ierland. Daarnaast mocht hij alleen nog maar aan inleidende oefeningen deelnemen, tijdens de partijspelen moest hij toekijken samen met enkele jeugdspelers. Huntelaar liet zich echter niet tot een snelle keuze dwingen omdat hij ook in de belangstelling van Tottenham Hotspur en Arsenal stond. Bovendien zou hij enkele miljoenen aan salaris in moeten leveren indien hij bij VfB Stuttgart zou tekenen als gevolg van ongunstigere belastingwetgeving. Real Madrid leek bereid te zijn om dit verschil in salaris te compenseren, maar kwam haar afspraken niet na. Dit was voor VfB Stuttgart de reden om een streep door de transfer te zetten. Kort daarna kwam AC Milan in beeld, zij hadden bij de transfer van Kaká naar Madrid een eerste optie bedongen op de Nederlandse spits maar hun voorkeur ging vooralsnog uit naar Edin Džeko van VfL Wolfsburg of Luís Fabiano van Sevilla. Toen zij niet haalbaar bleken kwam Huntelaar begin augustus alsnog in beeld bij de Milanezen. Op 6 augustus bereikten beide clubs overeenstemming met elkaar en tekende Huntelaar een contract voor vier jaar bij AC Milan. Met de overgang ging naar verluidt een bedrag van ongeveer 15 miljoen euro gepaard.

AC Milan

Huntelaar werd de elfde Nederlandse speler in dienst van AC Milan en kreeg bij zijn aantreden rugnummer 11 toegewezen. Net zoals bij Real Madrid moest de Nederlander zich op gaan maken voor een hevige concurrentiestrijd om de spitsenpositie. AC Milan had namelijk al de beschikking over Pato, Borriello, Ronaldinho en Inzaghi als mogelijke opties voorin. Evenals in Madrid kende Huntelaar in Milaan een lastige aanloopperiode. Borriello kreeg de voorkeur in de punt van de aanval en Huntelaar kon maar moeilijk wennen aan de speelstijl van AC Milan. Trainer Leonardo zei hierover: “Huntelaar is het gewend te spelen als een diepe spits, die wacht op zijn kansen en dan toeslaat in het strafschopgebied van de tegenstander. Wij hebben echter behoefte aan meer beweging in de aanval, aan iemand die ballen vasthoudt.” Behalve in de aanval, liep het ook bij de rest van het team niet lekker: na zeven speeldagen stond de club op een teleurstellende 12e positie in de Serie A. Waar Klaas-Jan Huntelaar in Madrid drie weken op zijn eerste doelpunt moest wachten, duurde het in Milan vier maanden. Op 29 november scoorde de spits tegen Catania zijn eerste twee doelpunten in Italiaanse dienst nadat hij in de 86e minuut in het veld was gekomen. Huntelaar had tot op dat moment nog in geen enkel duel de volle 90 minuten gespeeld. Van de 18 wedstrijden die inmiddels waren gespeeld stond Huntelaar slechts bij vijf duels in de basisopstelling.

Zijn onopvallende optredens en hoge transfersom werd leverden Huntelaar een nominatie op voor de Bidone d’Oro, een award voor de speler die de meest teleurstellende prestatie had geleverd in de Serie A. In december bleek dat Felipe Melo met deze twijfelachtige eer aan de haal ging, Huntelaar eindigde op de zesde positie. Huntelaar begon langzaamaan te twijfelen over zijn toekomst bij de Milanezen, hij wilde meer aan spelen toekomen met het oog op het naderende Wereldkampioenschap voetbal: “Een WK is belangrijk, iedereen wil daar spelen. Maar een carrière is óók belangrijk. Is het dan goed om weer te verkassen?” Na zijn doelpunten tegen Catania bleef hij reservespeler en verlangde hij eind 2009 duidelijkheid van de clubleiding. Zij spraken hun vertrouwen uit in de spits maar het stelde Huntelaar niet geheel tevreden: “Ik wil gewoon meer”. Zes clubs meldden zich in de winterstop bij de spits, waaronder Shakhtar Donetsk. Een avontuur in Oekraïne zag de spits echter niet zitten. Huntelaar besloot uiteindelijk te blijven, mede omdat hij in de pikorde was gestegen van derde naar tweede spits. Door de absentie van Borriello kreeg Huntelaar na de winterstop de voorkeur in de aanval. Dit vertrouwen beschaamde hij niet, in de competitiewedstrijd tegen Udinese scoorde Huntelaar tweemaal en bezorgde hij zijn club de drie punten.